IndexPortalFAQZoekenGebruikerslijstGebruikersgroepenRegistrerenInloggen

Deel | 
 

 The Tails of the Nekomata

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Ga naar beneden 
AuteurBericht
Yatzu

avatar

Vrouw Aantal berichten : 38
Leeftijd : 23
Registration date : 04-04-10

Over je pokemon
Leeftijd: 2 Jaar
Status: Gezond
Partner: Geen

BerichtOnderwerp: The Tails of the Nekomata   di mei 04, 2010 8:30 pm

De combinatie hoofdpijn + fantasie + mythologie kwam weer uit tot een verhaal.
Een kleine inleiding:

Dit verhaal speelt zich af in Shiwoa, een klein dorp aan de rand van China, rond de negende eeuw voor Christus. In het bos naast het dorpje word elk jaar een mythisch wezen gesignaleerd. De Nekomata. Wat dit voor een soort wezen is weten de mensen uit het dorp niet, aangezien het zichzelf nooit laat zien. Om ervoor te zorgen dat de Nekomata het dorpje niet aanvalt moeten ze elk jaar een offer brengen. Een jongeman van rond de twintig jaar. Levend en wel. Dit word elk jaar gedaan om 'het Beest' ten gunsten te stellen.

The Tails of the Nekomata.

De harde wind rukte krachtig de bladeren van de herfstbomen af. Regen kletterde op het dak van metalen golfplaten. De storm was vroeg deze herfst. Wat was de reden erachter? Mensen scholen binnen, met een angstig blik naar buiten. Ze wisten wat hun te wachten stond. Net zoals de voorgaande jaren. Al eeuwen lang, rond dezelfde maanstand in de herfst gebeurde hetzelfde. De wind nam een golf water mee en maakte de ramen smerig. Kinderen werden haastig naar binnen getrokken en kregen een tik omdat ze niet naar buiten mochten. Ergens in het dorp werd een kaarsje aangestoken. Er ging een huivering door de mensen toen er vanuit het donkere bos twee cyaan blauwe ogen tevoorschijn kwamen. Uit het dorpshuis kwam een ijzige gil toen een jongeman naar buiten werd geduwd. Iedereen wist dat hij geen daad was voor 'het Beest' maar ze hadden geen andere keuze. Dit was de enige manier om haar gerust te stellen. Uit het bos keken de ogen naar de jongeman. Die trillend met een mes in zijn handen stond te kijken. Niet veel later kwam een jongevrouw uit het bos. Haar blauwe haar plakte in haar gezicht door de regen. De jongeman was opslag rustig en ging vrijwillig met het meisje mee.
Sindsdien is er niets meer van hem vernomen.


Al eeuwen lang gaat dit verhaal de rondje door Shiwoa, een klein dorpje aan de rand van China. Vele kinderen houden van het verhaal om het te horen voor het slapen gaan. 'Mama. Vertel het verhaal van de Nekomata nog eens.' Nekomata. De naam van 'het Beest' dat al sinds mensenheugenis in het bos rond zwerft. Eens per jaar, als de halve maan aan de hemel staat en half in het gezicht van de stenen draak op het plein schijnt komt ze te voorschijn. Niemand weet precies hoe ze eruit ziet. Enkel haar blauwe haar en cyaan blauwe ogen zijn zichtbaar. Verder blijft ze in schaduwen gehult. De laatste zeshonderd jaar was het rustig in het bos en in Shiwoa. De Nekomata was niet meer gezien en iedereen stelde zich gerust. Kinderen speelde weer op straat, tot de maan hoog aan de hemel stond. Vrouwen deden de was in de rivier die langs het dropje stroomde en de mannen gingen naar de handelposten om voedsel te halen. Alles leek zo normaal. Maar er was één geheim waar alleen de dorpsleider vanaf wist. Al deed het hem nog zo veel pijn, Dit was wel in het belang van het dorp. Het belang dat zijn bloedeigen zoon, Koji Hiwisa, de eerst volgende zou zijn die zou moeten worden opgeoferd als de Nekomata terug kwam. Alles verliep volgens plan. Totdat dat ene meisje kwam...

'Kōji wa, sugu ni oso sugiru shi te iru sā.'¹ Een jongen van zeventien jaar, goed gespierd, licht gebruinde huid en een warrige bos bruin haar stond boven aan de trap. 'Mam.' Kreunde hij. 'Praat toch eens gewoon Engels.' Hij had er een hekel aan als zijn moeder in het Japans tegen hem praten. Iedereen verklaarde hem dan voor gek. Iedereen in het dorp sprak Engels, alleen zijn familie moest weer zo nodig in het Japans tegen elkaar praten. 'Goed. Goed, ik ga al.' Zei hij met een zucht toen hij de woedende blik van zijn moeder ontmoeten. Hij wist dat hij snel moest zijn. De zon stond al bijna boven. Hij moest tempo maken om zijn vader te gaan helpen. Vandaag zou de laatste had worden gelegt op zijn training. Hij werkte snel een bord pap naar binnen, greep zijn kromzwaard van de muur en rende naar buiten toe.
'Otōsan , watashi wa.'² Riep hij terwijl hij het dorpsgebouw binnen liep. Hij stopte bij de ingang en deed zijn schoenen uit. 'A. Mooi zo, mijn jongen. Kom maar verder naar de trainingszaal.' Koji zuchten even en liep door de lange gang. Ondertussen bekeek hij de wapen'muur' van zijn vader. Zijn vader had ontzettend veel wapens, van kruisbogen tot kromzwaarden en sikkels. Later, als hij de leider van het dorp zou zijn, zal hij ook zo'n muur krijgen en de beste krijger van het dorp zijn. Aan het einde sloeg hij links af, een trappetje af richting de grote cirkel. Hij vond het er zelf altijd als worstelring uitzien, maar je kon er goed op trainen. In een hoek stond zijn vader, een potige vent van net over de vijftig. De vele littekens op zijn rug en armen lieten goed zien dat hij een goede krijger was. Een groot litteken, die van zijn rechterschouder in een diagonaal naar beneden liep, had een licht rode kleur. Alsof die begon te ontstekken. Maar Koji wist wel beter. Dat gebeurde alleen maar als zijn vader grote inspanningen beoefende. 'Pap?' Vroeg hij rustig. Zijn vader keek op, alsof hij hem niet had horen aankomen. Hij draaide zich om. Sommige mensen waren nog altijd bang voor hem, zijn gezicht zat onder de littekens en zijn rechteroor was eraf gescheurd. Hij had nooit willen zeggen hoe dat kwam. 'We beginnen.' Zei zijn vader enkel en liep het korte trapje omhoog naar 'de kring'. Koji volgde hem op de voet en ging tegen over hem staan. Hij keek zijn vader aan, diens nacht blauwe ogen stonden droefig. Hij merkte het de laatste tijd steeds meer op. Hoe kwam dat toch? Zijn vader trok zijn zwaard. Het was een lang zwaard, met een bloedsteen in het gevest. Later zou die bloedsteen van hem zijn. Zoals het al generaties werd doorgegeven. Terwijl hij verder in gedachten verzonk merkte hij niet op dat zijn vader de aanval had ingezet. 'Tsuneni keikoku , musuko ga go riyō itadake masu.'³ Hoorde hij opeens de stem van zijn vader wel heel erg dichtbij. Nog net optijd kon hij een van zijn kromzwaarden voor zijn gezicht brengen. Anders was hij waarschijnlijk zijn neus kwijt geweest. Al snel zette hij de tegenaanval in en het fonken vlogen van de zwaarden af als ze voor de zoveelste keer tegen elkaar ketste.
Het 'gevecht' duurde bijna twee uur. Aan het einde had Koji een lelijke schram over zijn arm lopen en zijn vader een kleine wond op diens borst. 'We laten het hierbij Koji. Vanavond word alles gereed gemaakt voor de ceremonie.' Koji knikte. Morgen. Dan zal hij een echte krijger zijn. Een beschermer van het dorp. Maar hij wist niet dat zijn vader een veel grotere bestemming voor hem in petto had. Groter dan hij ooit zou durven dromen.

Voetnoten:
¹ = Schiet eens op Koji, je komt nog te laat.
² = Pap, ik ben er.
³ = Altijd blijven opletten zoon.

_________________

The moon is my friend.
I turn my face to her.
She will lead me.
Her light, lights my path.
I shall follow her.
Until the end of my life..
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
 

The Tails of the Nekomata

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Terug naar boven 
Pagina 1 van 1

Permissies van dit forum:Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum
Inciala :: off-game :: Off-Game :: Creatief :: Verhalen en gedichten-